ECLI:NL:RBAMS:2025:4655
Rechtbank Amsterdam · 02-07-2025 · zaaknummer 13-011696-24
Inhoudsindicatie
Beslissing over de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de vervolging van verdachte. Het recht op strafvordering vervalt niet naar aanleiding van in het kader van een JIT-overeenkomst gemaakte afspraken tussen de justitiële autoriteiten van Nederland en Bulgarije. Bespreking van Kaderbesluit van de Raad van de Europese Unie van 13 juni 2022 inzake gemeenschappelijke onderzoeksteams (2002/465/JBZ) en Kaderbesluit van de Raad van de Europese Unie van 30 november 2009 over het voorkomen en beslechten van geschillen over de uitoefening van rechtsmacht bij strafprocedures (2009/948/JBZ).
Rechters
Advocaten
Officier van justitie
- M.M. van den Berg
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
