ECLI:NL:RBAMS:2025:3798
Rechtbank Amsterdam · 22-05-2025 · zaaknummer 8129625022
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft zich gedurende ruim zes jaar schuldig gemaakt aan het plegen van uitkeringsfraude (WIA). Het UWV heeft berekend dat hij hierdoor ten onrechte een bedrag van € 133.282,71 aan uitkeringsgelden heeft ontvangen. De rechtbank acht een taakstraf van 100 uren en daarnaast een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden met een proeftijd van 2 jaren, passend en geboden. Door de overschrijding van de redelijke termijn zal de duur van de aan de verdachte op te leggen taakstraf worden gematigd tot 80 uren.
Advocaten
Officier van justitie
- S. van der Hart
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
