ECLI:NL:RBAMS:2024:6520
Rechtbank Amsterdam · 25-10-2024 · zaaknummer 13/225456-24
Inhoudsindicatie
Raadkamerbeslissing na toestaan van de overlevering. De vordering van de officier van justitie tot aanhouding van de beslissing omtrent de tijd en plaats van de feitelijke overlevering wordt afgewezen, omdat de vordering is gedaan na het verstrijken van de 10-dagentermijn als bedoeld in artikel 35, eerste lid, OLW. De voorlopige terbeschikkingstelling wordt niettemin onder voorwaarden toegestaan, omdat de verplichting van Nederland om uitvoering te geven aan een EAB, inclusief een eventuele voorlopige terbeschikkingstelling, niet door het verstrijken van die termijn komt te vervallen. Een Kaderbesluitconforme uitleg van artikel 36, eerste lid, OLW brengt mee dat ook de tenuitvoerlegging van een door een buitenlandse rechter opgelegde gevangenisstraf die door Nederland is overgenomen een beletsel kan vormen voor de feitelijke overlevering.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
