ECLI:NL:RBAMS:2023:7957
Rechtbank Amsterdam · 31-10-2023 · zaaknummer 13-236205-21
Inhoudsindicatie
Ontnemingsvonnis. De officier van justitie heeft een vordering tot ontneming ingediend van 22.500,-. Veroordeelde is bij vonnis van de rechtbank Amsterdam van 25 november 2021 onder andere veroordeeld voor het een gewoonte maken van opzetheling van horloges in de periode van 16 augustus 2021 tot en met 31 augustus 2021. De vordering is gegrond op het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel per delict van 5 april 2022. De opsteller van het rapport heeft de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel gebaseerd op de winst die de veroordeelde met de handel in gestolen horloges in de bewezenverklaarde periode zou hebben verdiend. De rechtbank stelt vast als wederrechtelijk verkregen voordeel een bedrag van € 22.500,- en legt aan veroordeelde de verplichting op tot betaling van 22.500,- aan de Staat.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Officier van justitie
- M.R.F. van Raab van Canstein
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
