ECLI:NL:RBAMS:2022:8831
Rechtbank Amsterdam · 19-12-2022 · zaaknummer AMS 20/5302 en AMS 20/6045
Inhoudsindicatie
[plaats] kopschoppers. Na veroordeling in eerste aanleg. Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep OM (verweerder in deze zaak). Eisers hebben verzocht om alle documenten met betrekking tot de strafzaak. Na onderzoek te hebben gedaan heeft verweerder 403 documenten gevonden die vallen onder het Wob-verzoek van eisers. Op een aantal ervan is in de strafzaak artikel 365 van het Wetboek van strafvordering toegepast, een aan de Wob voorliggende regeling, Wat betreft de weigeringsgronden van de artikelen 10, tweede lid, onder g, en 11, eerste lid, van de Wob is het volgens verweerder niet mogelijk om een nadere toelichting te geven door in te gaan op welk belang zwaarder dient te wegen dan het belang van openbaarmaking. De rechtbank heeft kennisgenomen van de documenten waarbij verweerder de openbaarmaking heeft geweigerd op grond van artikel 10, tweede lid, onder g, van de Wob. Bij de beoordeling van al die stukken is de rechtbank tot het oordeel gekomen dat verweerder op goede gronden de conclusie heeft getrokken dat dit artikel aan openbaarmaking van deze informatie in de weg staat. Ook de rechtbank kan dit oordeel niet van een nadere motivering voorzien omdat ook die motivering belangen van derden onevenredig zou kunnen bevoor- of benadelen. Artikel 11, eerste lid, van de Wob Voor de rechtbank is niet duidelijk waarom verweerder zoveel tekst onder deze grond heeft geweigerd en niet meer delen van de stukken naar buiten heeft gebracht. Daarbij merkt de rechtbank nog op dat bepaalde stukken lijken te zijn onderverdeeld in passages van verschillend gewicht en strekking, bijvoorbeeld met behulp van grafische middelen. De rechtbank ziet echter geen (motivering van een) afweging van verweerder of hij desalniettemin delen alsnog openbaar kan maken op grond van artikel 11, tweede lid, van de Wob. Dit terwijl in onderhavig geval zowel in de samenleving als in de politiek de nodige ophef is ontstaan met betrekking tot de afhandeling van het Openbaar Ministerie van de strafzaak [plaats] Kermis. Verweerder zal nogmaals kritisch naar de stukken moeten kijken waarbij hij heeft geweigerd op grond van artikel 11, eerst lid, van de Wob en nader dienen af te wegen en motiveren of deze op onderdelen in niet tot personen herleidbare vorm alsnog openbaar kunnen worden gemaakt. Verweerder zal daarbij dan toepassing dienen te geven aan de Woo.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
