ECLI:NL:RBAMS:2020:4360
Rechtbank Amsterdam · 27-08-2020 · zaaknummer 13/751.756-19
Inhoudsindicatie
Duits overleveringsverzoek ten behoeve van vervolging. De opgeëiste persoon tracht de strafvervolging aan Nederland te laten overdragen. De Duitse officier van justitie staat hier niet op voorhand negatief tegenover. Aanhouding van de behandeling van het overleveringsverzoek om de opgeëiste persoon in de gelegenheid te stellen om te proberen de vervolging te laten overdragen. De rechtbank merkt daarbij op dat een vervolging in Nederland voor de opgeëiste persoon minder belastend is dan een overlevering aan Duitsland om vervolgens daar te worden vervolgd, wat met oog op de evenredigheid van de uitvaardiging van het EAB van belang kan zijn. Daarnaast is de omstandigheid dat de Duitse officier van justitie niet onwelwillend staat tegenover een overdracht van de strafvervolging aan Nederland, van belang bij de beoordeling van de vordering ex artikel 13, tweede lid, OLW.
Advocaten
Officier van justitie
- M. Diependaal
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
