ECLI:NL:RBAMS:2019:7104
Rechtbank Amsterdam · 26-09-2019 · zaaknummer 13-751068-13 RK 14-521
Inhoudsindicatie
EAB Polen, executie van een straf van een met een Nederlander gelijkgestelde onderdaan van Polen.Op 24 januari 2014 is gevorderd het Poolse Europees Aanhoudingsbevel (EAB) in behandeling te nemen. Tot twee keer toe heeft de Internationale Rechtshulpkamer (IRK) te Amsterdam aanleiding gezien prejudiciële vragen voor te leggen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie. Op 24 juni 2019 heeft het Hof de in de tweede verwijzingsbeslissing gestelde vragen beantwoord. Gezien het in deze zaak toepasselijke recht en gezien de overwegingen van het Hof van Justitie en de beantwoording van de gestelde vragen, waarbij ook de rol van de Minister van Justitie en Veiligheid is betrokken, is de rechtbank van oordeel dat de overlevering moet worden geweigerd op grond van artikel 6, tweede lid, OLW in samenhang met artikel 6, vijfde lid, OLW.
Advocaten
- P.J. Verbeek
Officier van justitie
- K. van der Schaft
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
