ECLI:NL:RBAMS:2019:3183
Rechtbank Amsterdam · 04-04-2019 · zaaknummer C/13/663869 / HA RK 19/108
Inhoudsindicatie
Verzoek toegewezen. De grondslag van het verzoek is in de kern gelegen in het feit dat de rechter-commissaris een getuige de status van bedreigde getuige heeft verleend zonder de verdediging in de gelegenheid te stellen daaromtrent te worden gehoord met als motivering dat het ondenkbaar zou zijn dat de verdediging hier iets over zou kunnen zeggen wat de rechter-commissaris op andere gedachten zou kunnen brengen. De Wrakingskamer oordeelt dat de rechter-commissaris, door het negeren van het bepaalde in artikel 226a, tweede lid, Sv, en het bovendien ‘ondenkbaar’ te achten dat het inwinnen van een zienswijze van de procespartijen hem tot een ander oordeel zou kunnen brengen, de schijn van vooringenomenheid jegens verzoeker op zich geladen, waardoor de objectief gerechtvaardigde vrees is ontstaan dat hij zich hoe dan ook niet zou laten overtuigen door een door de verdediging naar voren te brengen standpunt.
Rechters
Advocaten
- B.L.M. Ficq
- F. Posthumus
- I.N. Weski
- S.F. van Merwijk
Officier van justitie
- B. Wind
officier van justitie
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
