ECLI:NL:RBAMS:2019:2457
Rechtbank Amsterdam · 04-04-2019 · zaaknummer 13/845006-12
Inhoudsindicatie
De feiten waarvan verdachte wordt verdacht, vloeien voort uit de verdenking dat een evenementencomplex té goedkoop door hem is verkocht. De koopsom is volgens verdachte gebaseerd op het taxatierapport van een medeverdachte. De rechtbank acht niet bewezen dat medeverdachte onjuiste informatie heeft opgenomen in de taxatierapporten als gevolg waarvan de onderhandse verkoopwaarde valselijk is getaxeerd. Nu niet is bewezen dat de taxatierapporten vals zijn, wordt verdachte vrijgesproken van het voorhanden hebben van valse taxatierapporten. Nu er onvoldoende bewijs is dat de taxatierapporten vals zijn en de prijs niet in sterke mate afwijkt van de waarde die wordt genoemd in het taxatierapport, kan enkel uit de prijs niet worden afgeleid dat het evenementencomplex voor een onzakelijke prijs is verkocht. De rechtbank is van oordeel dat er vraagtekens kunnen worden gezet bij de zakelijkheid van de transactie, maar zij kan niet met zekerheid vaststellen dat de transactie onzakelijk was en daarmee opzettelijk onjuiste belastingaangiftes zijn gedaan. Verdachte wordt daarom vrijgesproken van de fiscale feiten. Nu de onzakelijkheid van de overeenkomst niet kan worden vastgesteld, is ook geen sprake van een schijnovereenkomst zoals door de officier van justitie wordt gesteld. De feiten die door de officier van justitie aan het witwasverwijt ten grondslag worden gelegd kunnen hierdoor ook niet bewezen worden. Verdachte wordt ook vrijgesproken van het witwassen.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
