ECLI:NL:RBAMS:2018:6206
Rechtbank Amsterdam · 17-08-2018 · zaaknummer C/13/652416 / HA RK 18/250
Inhoudsindicatie
Verzoek toegewezen. De wrakingskamer stelt voorop dat dat het de (voorzieningen)rechter, naast zijn taak om te beslissen over voorgelegde geschillen, vrij staat te proberen partijen tot een minnelijke oplossing te bewegen. Het is niet per se nodig dat daarmee wordt gewacht tot partijen hun standpunt hebben toegelicht. De rechter moet dan wel voorkomen dat, door de wijze waarop hij die schikkingspoging formuleert, bij een partij de indruk ontstaat dat hij zich over de zaak al een oordeel heeft gevormd. In deze zaak heeft de rechter voor de inhoudelijke behandeling de suggestie gedaan dat de gedaagde de goederen die het voorwerp waren van het geschil zou kopen c.q. afgeven. De woorden ‘kopen’ en ‘afgeven’ impliceren dat die zaken aan de wederpartij toebehoren. Daardoor heeft naar het oordeel van de wrakingskamer, objectief gezien, bij verzoekster de vrees kunnen ontstaan dat, nog voordat verzoekster zich daarover had uitgelaten, de rechter zich al een oordeel had gevormd over de vraag die in het kort geding aan de orde is, namelijk wie de eigenaar van de goederen is. Die vrees heeft de rechter tijdens de zitting niet geprobeerd weg te nemen, bijvoorbeeld door uit te leggen in welke specifieke context hij zijn woorden gebruikte.
Rechters
Advocaten
- F.B. Bakels
- H.C. Bollekamp
- R.T. van Ginneken
Partijen
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
