ECLI:NL:RBAMS:2018:2040
Rechtbank Amsterdam · 17-01-2018 · zaaknummer C/13/562256 / HA ZA 14-348, C/13/604492 / HA ZA 16-301
Civiel rechtGepubliceerd 06-04-2018
Deel LinkedIn
Inhoudsindicatie
Prejudiciële vraag aan HR: Hoe dient het toepasselijk recht op een verbintenis (schadevergoedingsvordering) wegens ongeoorloofde mededinging aan de hand van artikel 4 lid 1 WCOD te worden bepaald ingeval van een grensoverschrijdende inbreuk op de mededingingsregels? Zie voor uitspraak HR ECLI:NL:HR:2018:345.
Advocaten
- D.A.M.H.W. Strik
- D.J. Beenders
- I.W. Verloren van Themaat
- J. van den Brande
- J.S. Kortmann
- P.N. Malanczuk
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
