Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBAMS:2017:5534

Rechtbank Amsterdam · 03-08-2017 · zaaknummer 13/731064-13 (Promis)

StrafrechtGepubliceerd 01-08-2017
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Verdachten waren werkzaam als advocaat. De verdenking was dat zij en andere medewerkers van hun advocatenkantoor in ruil voor giften en gratis diensten van een politievrijwilligster vertrouwelijke informatie over verkeersongevallen hebben gekregen. De politievrijwilligster mocht die informatie niet verstrekken en schond door het verstrekken haar geheimhoudingsplicht. De verdachten worden vrijgesproken van omkoping omdat niet vastgesteld kan worden dat de giften en diensten tot doel hadden om de informatie van de politievrijwilligster te ontvangen. Die giften en diensten waren voor de politievrijwilligster ook niet de reden om de informatie aan de advocaten te verstrekken. Verdachten hebben zich wel schuldig gemaakt aan het medeplegen van het schenden van het ambtsgeheim van de politievrijwilligster. Dit hebben zij gedaan als feitelijk leidinggever van het advocatenkantoor en als medepleger. De verdachten worden vrijgesproken van de ten laste gelegde heling en witwassen. De rechtbank volstaat met de vaststelling dat de verdachten de bewezen verklaarde feiten hebben gepleegd en legt hun verder geen straf op. Daarvoor zijn de volgende omstandigheden van belang. Het advocatenkantoor heeft maar zeer beperkt voordeel gehad van de bewezen verklaarde feiten. Ook blijkt niet dat verdachte met ‘boos opzet’ heeft gehandeld. Deze strafzaak heeft voor verdachte in elk geval grote zakelijke gevolgen; het uiteenvallen van het advocatenkantoor. Ook komt de forse transactie die door het advocatenkantoor is geaccepteerd deels voor rekening van verdachte. De rechtbank weegt deze gevolgen in het voordeel van verdachte mee, omdat die mede zijn afgestemd op het zware verwijt van omkoping en een verondersteld ‘boos opzet’ en de berichtgeving in de media is daar ook op gebaseerd. De rechtbank komt op beide punten tot een ander oordeel. Dat betekent dat het beeld dat van verdachte in de media is geschetst genuanceerd zou moeten worden. De ervaring leert evenwel dat een eenmaal geschetst negatief beeld – ook als de rechtbank tot een gunstiger oordeel komt – verdachte, zowel privé als op zakelijk gebied, nog zal blijven achtervolgen.

Advocaten

Partijen

  • Dienst Executieve Ondersteuning kenbaar waren en waarvan hij

    verdachte · onbekend

  • [verdachte]

    verdachte · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.