ECLI:NL:RBAMS:2017:3025
Rechtbank Amsterdam · 26-04-2017 · zaaknummer 13/752050-16
Inhoudsindicatie
De Italiaanse autoriteiten vragen de overlevering van een vrouw met de Nederlandse nationaliteit. Zij wordt verdacht van deelname aan een criminele organisatie en betrokkenheid bij internationale drugshandel. Een verweer in het kader van ‘genoegzaamheid’ faalt. De rechtbank leest de vermelding ‘conduct committed in Calabria and Lazio in September/November 2013’ als ‘september tot en met november 2013’. De rechtbank acht deze aanduiding genoegzaam en ziet geen aanleiding om te vrezen voor een dreigende specialiteitsschending. Het feit dat in het EAB verwezen wordt naar een chatgesprek van 3 december 2013 maakt dit niet anders. Bovendien heeft het EAB betrekking op een vervolging en ligt het in de rede dat de grenzen van het ten laste te leggen feitencomplex nog verder moeten worden afgebakend. Relevant daarbij zal de verklaring zijn die de opgeëiste persoon tegenover de Italiaanse rechter zal afleggen.
Rechters
Advocaten
Officier van justitie
- K. van der Schaft
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
