ECLI:NL:RBAMS:2015:589
Rechtbank Amsterdam · 30-01-2015 · zaaknummer 13-751968-14
Inhoudsindicatie
Verweer met betrekking tot ongenoegzaamheid is verworpen. Uit het verhoor ter zitting is de rechtbank gebleken dat de gegevens in het EAB voldoende duidelijkheid verschaffen over de verdenking die jegens de opgeëiste persoon is gerezen. Dat in de ogen van de raadsman de onderbouwing van deze verdenking ontbreekt, althans onvoldoende is, kan geen grond opleveren om de gevraagde overlevering te weigeren. In het feit dat de opgeëiste persoon de verdenking bestrijdt ziet de rechtbank geen aanleiding om nader onderzoek te doen. Het verdere onderzoek naar zijn betrokkenheid bij de in het EAB omschreven feiten dient plaats te vinden voor de Belgische rechtbank die over het dossier beschikt. Ten overvloede overweegt de rechtbank nog het volgende. Het EAB heeft betrekking op een strafrechtelijk onderzoek naar de feiten waarvan de opgeëiste persoon wordt verdacht; het onderzoek is nog niet afgerond, zo is bijvoorbeeld de opgeëiste persoon nog niet als verdachte gehoord. Naar verwachting zullen de strafbare feiten na sluiting van dat onderzoek nader worden afgebakend. De rechtbank is met de officier van justitie van oordeel dat de beschrijving van de feiten voldoet aan de vereisten van artikel 2, tweede lid onder e OLW
Advocaten
Officier van justitie
- K. van der Schaft
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
