ECLI:NL:RBAMS:2015:3971
Rechtbank Amsterdam · 13-02-2015 · zaaknummer 15-1041
Inhoudsindicatie
Wet Bopz. Ter beoordeling ligt voor een verzoek om een machtiging voor voortgezet verblijf, in aansluiting op een eerder verleende voorlopige machtiging voor de duur van zes maanden. De rechtbank oordeelt dat de voorlopige machtiging zijn gelding heeft verloren doordat betrokkene gedurende de looptijd van die machtiging (tweemaal) naar Duitsland is gerepatrieerd. Dat betekent dat de betrokkene thans zonder titel in het psychiatrisch ziekenhuis verblijft. De rechtbank verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in het verzoek.
Rechters
Advocaten
- E.G.C. Groenendaal
Officier van justitie
- J. Ang
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
