Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBAMS:2014:8092

Rechtbank Amsterdam · 26-11-2014 · zaaknummer HA ZA 13-670

Civiel rechtGepubliceerd 02-12-2014
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

In het algemeen is er geen plaats om het verbodsrecht dat de Auteurswet (Aw) kent voor alle werken met een dwangsom jegens een bepaalde wederpartij te versterken. Dat kan anders zijn indien aannemelijk is dat er een reële dreiging is dat de betreffende partij op aanzienlijke schaal inbreuken zal gaan plegen. Dat is hier niet het geval. Daar komt bij dat gedaagde een journalistiek medium is en een verbod in beginsel een inbreuk is op het door artikel 10 EVRM beschermde uitingsrecht Een dergelijke maatregel waar een verbod vooraf wordt gegeven met een aanzienlijke dwang¬som zal immers een “chilling effect” kunnen hebben, dat een journalist ervan zou kunnen weerhouden tot publicatie over te gaan, ook in de gevallen waarin het recht op vrije menings¬uiting dient voor te gaan op het auteursrecht. Publicatie van het vonnis op de website van gedaagde is een beperking van haar uitingsvrijheid als bedoeld in artikel 10 EVRM. Ook als de wet in een dergelijke publicatie zou voorzien, kan niet gezegd worden dat deze noodzakelijk is in een democratische samenleving. Het is immers een ingrijpende maatregel die niet gerechtvaardigd wordt door de naar omvang en duur betrekkelijk geringe inbreuken waaraan gedaagde zich schuldig heeft gemaakt. In artikel 27 lid 2 Aw. is geen grondslag te vinden om aanspraak te maken op een bedrag dat een factor 3 hoger is dan de gebruikelijke licentievergoeding. In dat artikel, dat is ingevoerd ter implementatie van Richtlijn nr. 2004/48/EG van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten (hierna de Richtlijn), wordt weliswaar aan de rechter de bevoegdheid gegeven de schade vast te stellen als een “forfaitair bedrag”, maar daarmee zegt dat artikel niets over de wijze waarop de rechter dat forfaitaire bedrag vast stelt. Uit de wetgeschiedenis blijkt dat kennelijk slechts beoogd is de rechter de vrijheid te geven de schade vast te stellen, zonder dat feitelijk wordt vastgesteld dat en in welke omvang de rechthebbende ook feitelijk schade heeft geleden.

Rechters

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.