ECLI:NL:RBAMS:2014:7728
Rechtbank Amsterdam · 19-11-2014 · zaaknummer 13/654201-14 en 09/820017-13 (Tul)
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft in Turkije een opruiend filmpje op Facebook geplaatst. Rechtsmachtsverweer: Nederland heeft rechtsmacht, omdat de openbaarmaking op internet, en daarmee (ook) in Nederland, plaatsvond en ook was gericht op een Nederlands publiek. Opzet van verdachte: uit zijn zeer expliciete bewoordingen en ook zichtbare handelingen in het filmpje volgt tenminste voorwaardelijk opzet. Vrijheid van meningsuiting: het filmpje roept op tot geweld en overschrijdt daarmee het toelaatbare. De inperking van de vrijheid van meningsuiting is noodzakelijk en proportioneel. Facebookverbod: anders dan door de officier van justitie is gevorderd, wordt er geen Facebookverbod als bijzondere voorwaarde opgelegd. Deze voorwaarde is – mede gelet op bedrijfsactiviteiten van verdachte op Facebook – een te ver gaande inperking. Straf: gevangenisstraf van 60 dagen, waarvan 44 dagen voorwaardelijk, met bijzondere voorwaarden. Tenuitvoerlegging van eerder voorwaardelijk opgelegde straf.
Advocaten
Officier van justitie
- E. Broekhof
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
