ECLI:NL:RBAMS:2014:5931
Rechtbank Amsterdam · 16-09-2014 · zaaknummer AMS 14-1574 en AMS 14-2221
Inhoudsindicatie
Artikel 17, tweede lid van de WWB is gewijzigd per 1 juli 2013. De rechtbank leidt uit de wetsgeschiedenis af dat de wetgever met de wijziging heeft beoogd een verduidelijking te geven van de medewerkingsplicht in die zin, dat het meewerken aan een oproep op een bepaalde tijde en plaats te verschijnen in verband met arbeidsinschakeling wel onder de medewerkingsplicht valt en dus ook onder de reikwijdte van artikel 54, eerste lid, van de WWB valt. Uit de Memorie van Toelichting bij artikel 17, tweede lid, leidt de rechtbank af dat alleen in de situatie dat als gevolg van het niet meewerken (de omvang van) het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld, opschorting en intrekking van bijstand mogelijk is. Of er recht op bijstand bestaat en zo ja, in welke omvang, wordt beoordeeld aan de hand van de artikelen 11, 13 en 18, eerste lid, van de WWB. In deze bepalingen is geregeld wie recht heeft op bijstand, welke uitsluitingsgronden er gelden en waarop de bijstand afgestemd dient te worden. In dit geval is eiser niet verschenen op oproepen voor de start van een oriëntatieperiode, waarbij zou worden beoordeeld welk traject het meest geschikt is voor eiser om uiteindelijk zo snel mogelijk werk te vinden. Door hieraan geen medewerking te verlenen kon verweerder wellicht geen nadere invulling geven aan eisers arbeidsverplichting, maar op eisers recht op bijstand als zodanig heeft deze weigerachtigheid geen invloed. Van een (totale) herbeoordeling van het recht op bijstand was geen sprake. Verweerder was derhalve niet bevoegd tot opschorting en intrekking van de bijstand op grond van artikel 54, eerste en vierde lid, van de WWB. Het niet verschijnen van eiser was niet verschoonbaar, evenmin ontbrak elke verwijtbaarheid. Verweerder was derhalve gehouden op grond van artikel 18, tweede lid, van de WWB de bijstand te verlagen overeenkomstig de Maatregelverordening.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
