Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBAMS:2014:4646

Rechtbank Amsterdam · 16-07-2014 · zaaknummer HA ZA 14-100

Civiel rechtGepubliceerd 30-07-2014
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

IPR, EEX-Vo, artt. 6 en 9. Vorderingen van gepretendeerde Nederlandse verzekerde en Poolse verzekeringnemer tegen Nederlandse tussenpersoon en Poolse verzekeraar. Uit (de ratio van) de uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van 4 maart 1982 (ECLI:NL:XX:1982:AB8687) volgt dat de bevoegdheid van de rechter om uitspraak te doen over vragen betreffende een overeenkomst ook de bevoegdheid omvat, het bestaan en de inhoud van de overeenkomst te beoordelen. Volgt uit bevoegdheid tussen Nederlandse verzekerde en Poolse verzekeraar ook bevoegdheid voor het geschil tussen de Poolse verzekeringnemer en Poolse verzekeraar? De rechtbank acht dat voorshands juist, maar gaat niet over tot het stellen van prejudiciële vragen, omdat in dit geschil de rechtsmacht ook op artikel 6 EEX-Vo gebaseerd kan worden. In gegeven omstandigheden bestaat er een voldoende nauwe band tussen de vorderingen op de tussenpersoon en op de verzekeraar.

Rechters

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.