ECLI:NL:RBAMS:2014:3621
Rechtbank Amsterdam · 24-06-2014 · zaaknummer AMS 13-6497
Inhoudsindicatie
Beëindiging langdurige subsidierelatie. Stelselherziening naar aanleiding van Jeugdwet. Tussen partijen is niet in geschil dat de aanstaande stelselwijziging een veranderde omstandigheid is als bedoeld in artikel 4:51, eerste lid, van de Awb. In geschil is wel of de subsidierelatie is beëindigd met inachtneming van een in dat artikellid genoemde redelijke termijn. De rechtbank is van oordeel dat dat het geval is. Eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat dat zij binnen een termijn van 21 maanden niet in staat kan worden geacht maatregelen te treffen om de gevolgen van dit besluit voor haarzelf te ondervangen en haar langlopende verplichtingen op zorgvuldige wijze af te wikkelen. Dat eiseres naar eigen zeggen met de beëindiging van de subsidierelatie in het vooruitzicht en de plicht om tot dat moment haar taak onverkort te moeten voortzetten in een onmogelijke spagaat terecht komt, kan verweerder niet worden tegengeworpen. Een dergelijke onzekerheid is inherent aan een ingrijpende stelselwijziging zoals hier aan de orde en daarnaast is eiseres zelf verantwoordelijk voor haar bedrijfsvoering. Beroep ongegrond
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
