ECLI:NL:RBAMS:2014:3534
Rechtbank Amsterdam · 26-05-2014 · zaaknummer 3008581 KK EXPL 14-726
Inhoudsindicatie
“Voorshands wordt geoordeeld als volgt. Uit de overgelegde stukken en foto’s blijkt dat het assortiment artikelen dat in de vestiging wordt gevoerd, terwijl zij opereert als “hot chocolate” zaak of “ijssalon” niet wezenlijk anders is dan dat ten tijde van het opereren als “ koffieschenkerij” onder de franchiseformule van Coffee Company. Er was en is te koop een aantal soorten koffie, thee, chocolademelk, frisdranken, broodjes, taartjes, gebak et cetera. De ijsvitrine is duidelijk “erbij” geplaatst en doet er niet aan af dat (zoals Coffee Company terecht heeft aangevoerd) het assortiment, de prijsstelling, de benaming van de producten, de inrichting, uitstraling en het personeel gelijk is gebleven. Dat er binnen dit assortiment een lager percentage koffie wordt verkocht, en er ook overigens verschillen zijn in het aandeel van een bepaald artikel binnen dit assortiment, maakt dit niet anders. Waar het om gaat is dat het een soortgelijke horecaonderneming betreft. Het exploiteren daarvan wordt in strijd met het non-concurrentiebeding geoordeeld. Bij het handhaven van dit beding heeft Coffee Company, naar voorlopig oordeel, een rechtens te beschermen belang, te weten het beschermen van haar positie als franchisgever en de in het kader van de franchiseovereenkomst overgedragen kennis en knowhow. Dit betekent dat naar voorlopig oordeel de activiteiten, die na 1 december 2013 in de vestiging werden en worden uitgeoefend, beschouwd moeten worden als soortgelijke activiteiten in de zin van artikel 18 van de licentieovereenkomst. Hieruit volgt dat Coffee Company recht en spoedeisend belang heeft bij toewijzing van een verbod om gedurende een jaar, ingaande 1 december 2013, een soortgelijke horecaonderneming te voeren als zij deed ten tijde van de licentieovereenkomst, zoals hierna te bepalen.” De vordering van Coffee Company om zelf de vestiging te mogen exploiteren wordt afgewezen, omdat de kantonrechter aannemelijk vindt dat de bepaling daarover in het contract alleen geschreven is voor het geval de overeenkomst wordt opgezegd (wegens wanprestatie) en niet in geval van beëindiging van de overeenkomst door het verstrijken van de tijd waarvoor die is aangegaan.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
