ECLI:NL:RBAMS:2014:2030
Rechtbank Amsterdam · 17-04-2014 · zaaknummer AMS 12-6006
Inhoudsindicatie
In geschil is onder meer de vraag of eiseres een vrije uitweg vanaf haar perceel naar de openbare weg heeft. Het RVV 1990 kent geen inhoudelijke definitie van in-/uitrit, maar dit is omschreven in jurisprudentie van de Afdeling. Een in-/uitrit moet – kort gezegd – als zodanig herkenbaar zijn voor andere weggebruikers. Daarvan is in dit geval niet gebleken. Eiseres heeft voorts een beroep gedaan op het in artikel 2, eerste lid, onder a en b. van de Wvw 1994 genoemde belang van het verzekeren van de veiligheid op de weg en het beschermen van weggebruikers en passagiers. Artikel 8:69a van de Awb (relativiteitsbeginsel) staat aan dit beroep in de weg. Het genoemde artikel uit de Wvw 1994 strekt ertoe de algemene verkeersveiligheid te bevorderen. Het artikel strekt er niet toe om het individuele belang van eiseres als perceeleigenaar te behartigen bij het verkrijgen van toegang tot haar perceel.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Zuid van de gemeente Amsterdam
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Zuid van de gemeente Amsterdam
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
