ECLI:NL:RBAMS:2014:1159
Rechtbank Amsterdam · 10-03-2014 · zaaknummer 13/666888-10 (Promis)
Inhoudsindicatie
Bewezen is dat verdachte vijf vrouwen in een uitbuitingssituatie heeft gebracht, ze daadwerkelijk heeft uitgebuit door ze onder zijn dwang in de prostitutie te laten werken en daar (financieel) profijt van heeft getrokken en het geld dat door de prostitutiewerkzaamheden door de vrouwen was verdiend (gedeeltelijk) heeft witgewassen. Medeplegen kan niet worden bewezen ten aanzien van de mensenhandel. Evenmin kan worden bewezen dat verdachte één van de vrouwen heeft verkracht, wat hem was ten laste gelegd als element van mensenhandel en als afzonderlijk strafbaar feit. De rechtbank legt een gevangenisstraf van 57 maanden op aan verdachte, daarbij naar beneden afwijkend van de eis van de officier van justitie vanwege voornoemde vrijspraken en een door de rechtbank vastgesteld onherstelbaar vormverzuim. De redelijke termijn is overschreden en daarmee is rekening gehouden bij de strafoplegging. Drie van de vijf vrouwen hebben een vordering benadeelde partij ingediend. Ten aanzien van de gevorderde materiële schadevergoeding vanwege het moeten afstaan van verdiensten uit prostitutiewerkzaamheden zijn de benadeelde partijen (ten dele) niet-ontvankelijk verklaard omdat de geldstromen deels te weinig inzichtelijk zijn (gemaakt) waardoor dit deel van de vorderingen een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert.
Advocaten
Officier van justitie
- J.F. de Boer
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
