Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026

ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ7902

Rechtbank Amsterdam · 27-02-2013 · zaaknummer AWB 12/3579, 12/3826, 12/3829, 12/4527, 12/4528, 12/4534, 12/4542, 12/4559, 12/4560, 12/4562

BestuursrechtGepubliceerd 22-06-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Op 4 april 2012 is de Verordening Langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand door de gemeenteraad gewijzigd. Aan de wijziging van de verordening is door de gemeenteraad terugwerkende kracht gegeven tot 1 januari 2012. Deze wijziging ziet onder meer op de hoogte van de langdurigheidstoeslag voor alleenstaanden. Waar in de oude verordening de langdurigheidstoeslag 40% van de bijstandsnorm bedroeg, is deze met ingang van 1 januari 2012 verlaagd tot 25%. Beantwoord dient te worden of aan de verordening terugwerkende kracht kon worden toegekend. Het al dan niet verlenen van terugwerkende kracht aan een (wijziging van een) verordening betreft een discretionaire bevoegdheid. De rechter dient bij de beoordeling van het uitoefenen van deze bevoegdheid, in het bijzonder waar het hier gaat om algemeen verbindende voorschriften, de nodige terughoudendheid te betrachten. Dit betekent voor het onderhavige geval dat de rechtbank moet beoordelen of verweerder bij afweging van de in aanmerking komende belangen in redelijkheid heeft kunnen besluiten om aan de wijziging van de verordening terugwerkende kracht te verlenen tot 1 januari 2012. De rechtbank is van oordeel dat, gelet op het feit dat de verlaging ten aanzien van alleenstaanden zonder kinderen niet als discriminatoir kan worden aangemerkt en het gegeven dat het een toeslag betreft die één keer per jaar wordt toegekend, niet kan worden gezegd dat verweerder bij afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid tot zijn besluit heeft kunnen komen. De verordening kan de terughoudende toets van de rechtbank dan ook doorstaan. Het rechtszekerheidsbeginsel staat hieraan niet in de weg. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt niet nu er geen basis is voor de stelling dat sprake is van gerechtvaardigd vertrouwen. De rechtbank is van oordeel dat verweerder zich voldoende heeft ingespannen om de wijzigingen in de langdurigheidstoeslag tijdig bekend te maken. Het enkele feit dat de langdurigheidstoeslag in eerdere jaren voor een bepaald bedrag is toegekend, maakt niet dat er een gerechtvaardigd vertrouwen is gewekt dat dit voor komende jaren ook zou gelden.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.