ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ0428
Rechtbank Amsterdam · 17-01-2013 · zaaknummer AWB 12-2057 WW
Inhoudsindicatie
De werkgever heeft na ontdekking van de aan de werknemer verweten gedraging(en), niet onverwijld stappen ondernomen om het dienstverband te beëindigen. Aan de ontslagreden ontbrak dan ook de subjectieve dringendheid. Hieruit volgt dat aan het ontslag van de werknemer geen arbeidsrechtelijke dringende reden ten grondslag ligt en van verwijtbare werkloosheid als bedoeld in artikel 24, tweede lid, onder a, van de WW geen sprake is.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
