Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBAMS:2013:9053

Rechtbank Amsterdam · 04-12-2013 · zaaknummer HA RK 13-319

StrafrechtGepubliceerd 30-12-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Het verzoek berust (a) op gedachte dat de rechters een bezwaarschrift ongegrond hebben verklaard en zich daarmee een mening gevormd omdat al een oordeel over de bewezenverklaring is gegeven, (b) de wijze waarop de beslissing is voorgelezen, (c) in het proces-verbaal niet vermeld is dat er sprake is van een aangifte van een collega-rechter en griffiers optreden als getuigen, welke omstandigheden in beginsel partijdigheid met zich meebrengen, (d) ten onrechte in het proces-verbaal is vermeld dat verzoekster boos de zaal uit liep, terwijl verzoekster wanhopig/angstig was door de wijze waarop de rechters zich opstelden en (e) nadat verzoekster de rechters had gewraakt en de zittingszaal had verlaten, is de zaak niet meteen geschorst, maar is de officier van justitie nog aan het woord gelaten. De rechtbank is van oordeel dat het feit dat verzoekster het niet eens is met de inhoudelijke beslissing van de rechters, geen grond voor wraking oplevert. Van een beslissing die in het licht van de feiten en omstandigheden, waaronder de motivering, redelijkerwijze niet anders dan door vooringenomenheid kan zijn ingegeven, is geen sprake. Ook de houding van de voorzitter van de kamer brengt niet met zich mee dat er sprake is van (schijn van) vooringenomenheid. Verzoekster heeft deze grondslag onvoldoende toegelicht. Het feit dat er sprake is van een aangifte van een collega-rechter, brengt evenmin mee dat daarom bij iedere rechter de (schijn van) vooringenomenheid bestaat. Dat het proces-verbaal van de terechtzitting onvolledig en ook onjuist is, kan niet tot wraking leiden. Indien verzoekster – zoals zij stelt – niet boos maar geëmotioneerd de zittingszaal heeft verlaten, dan brengt het feit dat de reactie in het proces-verbaal anders is gekwalificeerd op zichzelf niet met zich mee dat er sprake is van vooringenomenheid. Dat de wrakingsgronden niet volledig zouden zijn vermeld in het proces-verbaal leidt evenmin tot het oordeel dat de rechters vooringenomen zijn. Uit het proces-verbaal blijkt dat de voorzitter verzoekster heeft voorgehouden of de wrakingsgrond op een juiste wijze door de voorzitter is samengevat, maar dat verzoekster de zittingszaal heeft verlaten. Dit komt voor rekening van verzoekster. Het is voorts niet onbegrijpelijk dat de voorzitter, gelet op de ter zitting gegeven toelichting, de officier van justitie in de gelegenheid heeft gesteld om zich over het verzoek tot wraking uit te laten. Het verzoek wordt daarom afgewezen.

Rechters

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [verzoekster]

    verzoekster · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.