ECLI:NL:RBAMS:2013:8226
Rechtbank Amsterdam · 23-10-2013 · zaaknummer HA ZA 13-565
Inhoudsindicatie
Voeging van zaken: 220/222 Rv. Alleen de omstandigheid dat het feitencomplex in beide zaken deels gelijk is, is onvoldoende voor toewijzing van de onderhavige incidentele vordering. Daarvoor is tevens vereist dat sprake is van een zodanige samenhang dat consistentie van de uitspraken wenselijk is Voeging a/z 1 partij: 217 Rv. Bij de beoordeling van een incidentele vordering tot tussenkomst, neemt de rechtbank tot uitgangspunt dat voor toewijzing daarvan moet blijken van een belang van de eiser om benadeling of verlies van een hem toekomend recht te voorkomen. Voldoende gesteld voor toewijzing. Geen verweer.
Rechters
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
