ECLI:NL:RBAMS:2012:BY5594
Rechtbank Amsterdam · 04-12-2012 · zaaknummer CV11-10309
Inhoudsindicatie
Grootmoeder verhuurt woonruimte aan haar kleinzoon en zijn vrouw. Na circa 11 jaar verlaat kleinzoon in verband met echtscheiding de woonruimte en zegt de huurovereenkomst op. Na beeindiging huurovereenkomst tussen grootmoeder en zijn vrouw wil kleinzoon in het gehuurde terugkeren. De vrouw van kleinzoon wordt met een voor haar onbekend tussentijds gesloten huurcontract geconfronteerd. Kantonrechter acht aannemelijk dat oorspronkelijke huurovereenkomst is blijven gelden. Tussentijdse huuropzegging door kleinzoon is zonder effect nu opzegging niet instemming van vrouw heeft. Huurschuld wordt aan de hand van jaarlijks feitelijk betaalde vaste huurprijs vastgesteld en niet aan de hand van gestelde jaarlijks gedane - maar niet geeffectueerde - verhogingen. Niet aannemelijk gemaakt dat in oorspronkelijke huurovereenkomst boeteclausule en contractuele rente is overeengekomen. Grootmoeder en vrouw van kleinzoon zijn lopende procedure beeindiging huurovereenkomst en ontruiming overeengekomen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
