ECLI:NL:RBAMS:2012:BY2236
Rechtbank Amsterdam · 02-05-2012 · zaaknummer HA RK 12-148
Inhoudsindicatie
Het verzoek tot wraking is gebaseerd op de navolgende – zakelijk weergegeven – gronden. Verzoeker acht het onbegrijpelijk dat hij gezien de voorgeschiedenis in zijn zaak, is gedagvaard om te verschijnen voor de rechtbank Alkmaar, zittinghoudende te Amsterdam. De zaak was door de rechtbank Alkmaar immers overgedragen aan de rechtbank Haarlem. Dit vanwege de schijn van partijdigheid omdat de aan verzoeker ten laste gelegde feiten deels personen van de rechtbank Alkmaar betreffen. Verzoeker ziet de rechters die hij heeft gewraakt als verlengstuk van de rechtbank Alkmaar. Verzoeker wenst evenmin dat rechters die kinderrechter zijn geweest zijn zaak behandelen. Een aantal van de feiten die hem ten laste worden gelegd, heeft immers betrekking op problemen met jeugdzorg en een kinderrechter. De wrakingskamer acht het voorstelbaar dat verzoeker zich op het verkeerde been gezet voelt doordat hij is gedagvaard voor de rechtbank Alkmaar, zittinghoudende te Amsterdam. Dit enkele feit levert echter geen grond tot wraking op.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
