Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBAMS:2012:BW8475

Rechtbank Amsterdam · 07-02-2012 · zaaknummer AWB 09-4464 WRO

BestuursrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Besluit tot verlening van bouwvergunning en vrijstelling. In art. 2:4 lid 2 Awb wordt aan het bevoegde bestuursorgaan een zorgplicht opgelegd die in elk geval inhoudt dat door het orgaan wordt voorkomen dat, ten gevolge van vermenging van persoonlijke en bestuurlijke belangen bij de betrokken personen, de besluitvorming niet meer voldoet aan het in art. 2:4 lid 1 Awb neergelegde verbod van vooringenomenheid. Ook de schijn van de in lid 2 bedoelde belangenverstrengeling dient te worden vermeden. De Rb. is van oordeel dat, in het geval een wethouder, die tevens familie is van de aanvrager van de vergunning, betrokken is bij de beslissing om de vereiste vergunning met vrijstelling te verlenen, sprake is van belangenverstrengeling, dan wel van de schijn daarvan. Na sluiting van het onderzoek ter zitting heeft verweerder bij brief alsnog een collegeadvies aan de Rb. gezonden dat is opgesteld ten behoeve van de besluitvorming door verweerder over de aanvraag van vergunninghouder om een bouwvergunning voor het onderhavige bouwplan. Op het (positieve) advies staat de handgeschreven notitie “NB: Wethouder [E] heeft niet aan de beraadslagingen en besluitvorming deelgenomen”. In zijn reactie op het door verweerder overgelegde collegeadvies heeft eiser de authenticiteit van het overgelegde collegeadvies in twijfel getrokken. Hoewel de Rb., met eiser, niet begrijpt waarom dit collegebesluit pas na sluiting van het onderzoek ter zitting aan de Rb. en de overige partijen is toegezonden, terwijl de vraag naar de rol van wethouder [E] bij de besluitvorming reeds vele malen eerder aan de orde is geweest, heeft de Rb. onvoldoende concrete aanknopingspunten om aan de authenticiteit van het overgelegde stuk te twijfelen. Met de kanttekening dat de handelwijze van verweerder in de bezwaar- en beroepsprocedure geen schoonheidsprijs verdient en onzorgvuldig naar zowel eiser als de Rb. is geweest, concludeert de Rb. dat onvoldoende grond bestaat voor de conclusie dat het bestreden besluit voor vernietiging in aanmerking komt in verband met vooringenomenheid, dan wel belangenverstrengeling als bedoeld in art. 2:4 Awb.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

  • het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Wijdemeren

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Wijdemeren

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.