ECLI:NL:RBAMS:2011:BU8641
Rechtbank Amsterdam · 30-11-2011 · zaaknummer 13-057786-03
Inhoudsindicatie
Promis, preliminair verweer met betrekking tot de ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie, vrijspraak, heimelijk opgenomen bekennende verklaring. De rechtbank stelt vast dat het Openbaar Ministerie en de politie steken hebben laten vallen in het voorbereidend onderzoek. De rechtbank is echter, anders dan de raadsman, van oordeel dat deze verzuimen, ieder op zich noch tezamen en in onderling verband bezien, dermate ernstig zijn dat zij tot niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie moeten leiden. Vast staat dat het slachtoffer op 1 november 2002 met een hamer meermalen op het hoofd en lichaam is geslagen. De rechtbank acht echter niet bewezen dat verdachte hiervoor verantwoordelijk is. Welbeschouwd is de enige mogelijke link naar verdachte de heimelijk opgenomen uitlating tegenover zijn nicht waarvan verdachte bestrijdt dat deze op waarheid berust. Nu het hier niet een verklaring van een verdachte betreft, die onder de in het strafprocesrecht gebruikelijke waarborgen is afgelegd, kan de rechtbank hier geen betrouwbaar bewijs aan ontlenen. De rechtbank komt dan ook tot de conclusie dat op basis van de zich in het dossier bevindende bewijsmiddelen, ook in onderlinge samenhang bezien, onvoldoende wettig en overtuigend bewijs voorhanden is om vast te kunnen stellen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan.
Advocaten
Officier van justitie
- S.M. Hoogerheide
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
