ECLI:NL:RBAMS:2011:BT7214
Rechtbank Amsterdam · 07-10-2011 · zaaknummer 13/706665-11, RK nummer: 11/4820
Inhoudsindicatie
De rechtbank overweegt dat in geval van een executieoverlevering alleen de duur van de opgelegde vrijheidsstraf van belang is. De in de artikelen 2, eerste lid, en 7, eerste lid, onder b, OLW tot uitdrukking gebrachte eis van een vrijheidsstraf voor de duur van ten minste vier maanden heeft betrekking op de duur van de opgelegde straf en niet op de duur van het daarvan (nog) ten uitvoer te leggen deel. De rechtbank doet geen uitspraak over het verdisconteerde deel van de opgelegde vrijheidsstraffen. Een en ander staat ter beoordeling van de bevoegde autoriteiten van de uitvaardigende lidstaat.
Advocaten
- P.H.L.M. Souren
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
