Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBAMS:2010:BQ5075

Rechtbank Amsterdam · 24-03-2010 · zaaknummer 407134 / HA ZA 08-2470

Civiel rechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Het geschil tussen partijen kan als volgt worden samengevat. [B] en [D] hebben in dienst van EMC uitvindingen gedaan die van groot belang konden zijn voor de toekomstige behandeling van een groot aantal (ernstige) ziekten. Voor kostbaar nader onderzoek was financiering nodig, waartoe EBI, anders dan EMC, bereid was. Met dat doel zijn partijen in 2002/2003 gaan samenwerken. Na de aankondiging door EMC bij brief van 6 november 2006 van harde incassomaatregelen tegen [C], als bestuurder van Biotempt, is een sfeer van verwijten over en weer ontstaan tussen de onderzoekers en de financiers, waarbij [C] in de visie van [B] c.s. in het kamp van Expolin/EBI is gekomen. Die situatie werd in de hand gewerkt door de omstandigheid dat EAS haar betalingsverplichtingen jegens Biotempt niet nakwam, omdat volgens EAS de kwaliteit van het onderzoek van (in feite) EMC onvoldoende was, Biotempt EMC niet langer betaalde, omdat EMC volgens Biotempt onvoldoende rekening en verantwoording met betrekking tot haar onderzoeken had afgelegd en er binnen Biotempt verschil van mening ontstond over de oplossing van acute liquiditeitsproblemen. Verder ontstond er een controverse doordat [C], gesteund door EBI – anders dan EMC en [B] c.s. – de oorspronkelijke opzet van de samenwerking, het multiple businessmodel, wilden wijzigen in een one-roof model, waarbij het onderzoek en de commerciële toepassing daarvan in Biotempt zou plaatsvinden en alleen EBI aandeelhouder van Biotempt zou worden. Het geschil is daarmee te karakteriseren als een geschil tussen de aandeelhouders van Biotempt over de te varen koers. De vorderingen zien deels op rechtshandelingen dan wel vorderingsrechten van Biotempt, terwijl Biotempt geen procespartij in deze procedure is. Verder hebben de vorderingen deels betrekking op de Investment Agreement die is gesloten tussen Expolin, ESDD, [B] c.s., Zist, Biotempt en EAS alsmede op de licentieovereenkomst tussen EAS en Biotempt, terwijl ESDD en – nogmaals – Biotempt geen procespartij zijn. Ten slotte betreffen de vorderingen deels EBI en [B] Advies, welke vennootschappen evenmin procespartij zijn. De vorderingen worden grotendeels hierop en daarnaast op andere gronden afgewezen.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.