ECLI:NL:RBAMS:2010:BP0939
Rechtbank Amsterdam · 28-07-2010 · zaaknummer 411977 / HA ZA 08-3121
Inhoudsindicatie
Aan de orde is de vraag of gedaagde als vermogensbeheerder is opgetreden. Haar verweren dat er geen schriftelijke vermogensbeheerovereenkomst is en dat hooguit sprake is van een beleggingsadviesrelatie, falen. Als vaststaand wordt aangenomen dat gedaagde in het relevante tijdvak voor de verleende diensten een vergunning als bedoeld in artikel 7 Wte ’95 nodig had. Deze ontbrak. Onderzocht wordt wat daarvan het (civielrechtelijke) gevolg is. Geoordeeld wordt dat het in strijd handelen met artikel 7 Wte ’95 niet tot nietigheid of vernietigbaarheid van de vermogensbeheerovereenkomst, respectievelijk de verrichte effectentransacties leidt.
Advocaten
- G.P. Roth
- J.W. van Rijswijk
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
