ECLI:NL:RBAMS:2010:BO2898
Rechtbank Amsterdam · 03-11-2010 · zaaknummer 13/993046-10 (PROMIS)
Inhoudsindicatie
Artt. 5:54 en 5:56 Wft; Medeplegen van handelen met voorwetenschap. Openbaar Ministerie ontvankelijk; niet gebleken van een schending van het zorgvuldigheids- danwel gelijkheidsbeginsel bij vervolging. Gelet op de familierelatie met de bezitter van voorkennis en de afwijking van zijn beleggingspatroon bestaat het vermoeden van handel met voorkennis. Doordat verdachte of zijn mededader voor het tijdstip van de transacties en de afwijking van het patroon geen aannemelijke en overtuigende beweegredenen heeft kunnen opgeven, heeft verdachte dit vermoeden niet kunnen weerleggen.
Advocaten
Officier van justitie
- D. Kruimel
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
