ECLI:NL:RBAMS:2010:BM8570
Rechtbank Amsterdam · 03-03-2010 · zaaknummer 411941 / HA ZA 08-3110
Inhoudsindicatie
IPR, toepasselijk recht Stilzwijgende instemming door gedaagde 1 met achteraf, na het sluiten van de overeenkomst, door eiser gemaakte impliciete, maar voldoende duidelijke rechtskeuze voor het Nederlandse recht. Nederlands recht wordt op grond van artikel 4 lid 1 en 5 EVO ook toepasselijk geacht op de tussen eiser en gedaagde 2 gesloten overeenkomst. Gelet op de omstandigheden van dit geval is de bemiddelingsovereenkomst nauwer verbonden te achten met het land waarvan het recht van toepassing is op de door bemiddeling tot stand te brengen overeenkomst, te weten Nederland.
Rechters
Advocaten
- C.W. van Putten
- P.N. van Regteren Altena
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
