ECLI:NL:RBAMS:2010:BM4285
Rechtbank Amsterdam · 10-05-2010 · zaaknummer 456712 / KG ZA 10-753 Pee/BB van & 457003 / KG ZA 10-792 Pee/BB van
Inhoudsindicatie
Zaak I: Reeds bij kort geding vonnissen van 24 augustus 2009 en 24 december 2009 is geoordeeld dat Vesteda vooralsnog gehouden is om de koopovereenkomst, waarin zij zich heeft verplicht tot het afnemen van 102 appartementen in de thans in ontwikkeling zijnde markthal in Rotterdam, gestand te doen, tenzij haar uit onderzoek blijkt dat er een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat een langjarige exploitatie van de marktvloer door Markthal Rotterdam niet deugdelijk zal geschieden. Volgens Vesteda bestaat er reden om haar te verlossen van de in die vonnissen opgenomen dwangsommen omdat zij aan voornoemde vonnissen heeft voldaan. Daartoe vordert zij (i) ontheven te worden uit de hoofdverplichtingen van voornoemde vonnissen, (ii) schorsing van de tenuitvoerlegging van die hoofdverplichtingen en (iii) schorsing van de uitvoerbaar bij voorraad verklaring van die vonnissen. De voorzieningenrechter komt tot het oordeel dat daarvoor geen aanleiding bestaat. Voor zover zij haar primaire vorderingen heeft gebaseerd op artikel 611d Rv wordt Vesteda niet ontvankelijk verklaard. Voor het overige worden de primaire vorderingen afgewezen. De subsidiaire vordering om Markthal Rotterdam te gebieden met Vesteda door te onderhandelen over de turnkeyovereenkomst onder de voorwaarden zoals door Vesteda gesteld worden eveneens afgewezen. De voorzieningenrechter ziet geen aanknopingspunten om Markthal Rotterdam tot meer te verplichten dan waartoe de koopovereenkomst haar verplicht. Zaak II: Niet uit te sluiten valt dat Vesteda aan het vonnis van 24 december 2009 heeft voldaan en zij zich thans terecht op het standpunt stelt dat zij niet langer gehouden is over de turnkeyovereenkomst door te onderhandelen. Onder die omstandigheid kan Vesteda niet opnieuw worden veroordeeld met Markthal Rotterdam door te onderhandelen met voorbijgaan aan haar stelling dat zij (inmiddels) aan haar verplichtingen heeft voldaan. Bovendien is het vonnis van 24 december 2009, waarin Vesteda al tot dooronderhandelen is geboden, nog steeds van kracht. Aan de in dat vonnis opgenomen ge- en verboden zijn dwangsommen verbonden die Vesteda verbeurt indien zij niet aan dat vonnis heeft voldaan of zal voldoen. Markthal Rotterdam heeft er dan ook geen belang bij om Vesteda nogmaals op straffe van dwangsommen tot hetzelfde te veroordelen. Weliswaar heeft Markthal Rotterdam ter terechtzitting toegezegd geen gebruik te zullen maken van haar aanspraken op dwangsommen voor zover die door Vesteda op grond van het vonnis van 24 december 2009 inmiddels en tot 12 mei 2010 zouden zijn verbeurd, maar dat laat haar aanspraken uit dat vonnis vanaf 12 mei 2010 onverlet. Het vonnis van 24 december 2009 geeft haar voldoende armslag en van nieuwe feiten ten aanzien van punten die eerder zijn afgewezen en nu voor toewijzing gereed zouden liggen is niet gebleken.
Rechters
Advocaten
- A.A. Boot
- E.L. Hoogstraate
- G.T.J. Hoff
- N.A. Luijten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
