ECLI:NL:RBAMS:2010:BM0499
Rechtbank Amsterdam · 04-03-2010 · zaaknummer 13/528366-09 (PROMIS)
Inhoudsindicatie
De raadsman heeft onder meer betoogd dat de verdachte na zijn aanhouding en vóór zijn eerste verhoor niet gewezen is op zijn recht een raadsman te raadplegen, een recht dat voortvloeit uit het arrest van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) van 27 november 2008 (Salduz vs Turkey). Omdat verdachte na zijn aanhouding onder meer toestemming heeft gegeven zijn woning te doorzoeken dient het resultaat van de doorzoeking van het bewijs te worden uitgesloten. De rechtbank verwerpt het verweer. De rechtbank overweegt in een overweging ten overvloede dat de enkele vraag of verdachte al dan niet instemt met de toepassing van een bijzondere opsporingsbevoegdheid, niet valt onder het eerdergenoemd ‘verhoor’. Geen sprake van een schending van de normen die kunnen worden afgeleid uit het Salduz-arrest van het EHRM en de arresten van de Hoge Raad die naar aanleiding van dit arrest zijn gewezen.
Advocaten
Officier van justitie
- S.M. Hoogerheide
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
