ECLI:NL:RBAMS:2009:BL6849
Rechtbank Amsterdam · 11-09-2009 · zaaknummer HA RK 09.711
Inhoudsindicatie
Schriftelijk verzoek tot wraking op grond van art. 513 Sv. Het verzoek is afgewezen. Het wrakingsverzoek heeft betrekking op twee leden van een meervoudige kamer. Het verzoek berust op de gedachte dat deze leden eerder in een andere combinatie op verzoeken tot opheffing, subsidiair tot schorsing van de voorlopige hechtenis van verzoeker hebben beslist. Bij die beslissingen is verzuimd autonoom te toetsen of er nog sprake was van een zodanig uitzonderlijke situatie dat preventieve vrijheidsbeneming gerechtvaardigd en noodzakelijk was. De beslissingen zijn van dien aard dat de rechters niet langer kunnen worden gekwalificeerd als zodanig onbevooroordeeld dat zij voldoen aan de vereisten van onpartijdigheid. De rechtbank heeft overwogen dat in een wrakingsprocedure niet kan worden opgekomen tegen onwelgevallige (proces)beslissingen. Slechts indien de wijze waarop de genomen beslissingen zijn gemotiveerd zo onbegrijpelijk is dat redelijkerwijs daarvoor geen andere verklaring dan vooringenomenheid is te geven, kan aanleiding bestaan om bij de rechters een vooringenomenheid te vermoeden. Daarvan getuigen de raadkamerbeslissingen in de zaak van verzoeker waarbij de rechters betrokken waren niet.
Rechters
Advocaten
- H.B. Brink
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
