Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBAMS:2009:BH3904

Rechtbank Amsterdam · 10-02-2009 · zaaknummer 06/2284 WAV

Bestuursrecht; Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Op 21 april 2005 is controle verricht in de van A. A’s broer G. is daar aantroffen als vreemdeling. Ten behoeve van hem was geen tewerkstellingsvergunning verstrekt. Naar het oordeel van de rechtbank bieden de door de verbalisanten opgemaakte processen-verbaal alsmede de ter zitting afgelegde verklaringen door de verbalisanten onvoldoende grond voor verweerders conclusie dat A. ten behoeve van G. arbeid heeft verricht in de zin van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). G. heeft gesteld dat A. in de keuken geen schoonmaakwerkzaamheden verrichte, maar eten voor zichzelf aan het klaarmaken was en hooguit zijn eigen bordje aan het afwassen was. Niet in geschil is dat het klaarmaken van eten voor eigen gebruik geen werkzaamheid in de zin van de Wav is. Naar het oordeel van de rechtbank geldt dit eveneens voor het vervolgens afwassen van het hiertoe gebruikte bordje. Het is aan verweerder om aan te tonen dat de door A. verrichte werkzaamheden meer hebben omvat en kunnen worden gekwalificeerd als voor de Wav relevante arbeid. Zoals eerder bij uitspraak van 15 februari 2001 (AB 2001, 194) door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: AbRS) is overwogen, dienen juist omdat het gaat om een punitieve sanctie, aan de bewijsvoering van de overtreding en aan de motivering van het sanctiebesluit strenge eisen te worden gesteld. Uit het proces-verbaal van 21 april 2005 blijkt onvoldoende concreet welke activiteiten A. heeft verricht. Zo is noch geconcretiseerd welke werkzaamheden werden verricht noch welke omvang deze hadden. Dit wordt verderop in geen enkel stuk alsnog nader geconcretiseerd. Ter zitting is hierover evenmin duidelijkheid verkregen. Integendeel, hier bleek dat de verbalisanten niet hebben gezien wat A. deed in de keuken. Zij hebben naar het oordeel van de rechtbank niets gezien wat duidt op het verrichten van andersoortige schoonmaakwerkzaamheden dan het door G. en A. gestelde afwassen van het eigen bordje. Zelfs indien A. een schort aanhad en een doekje in zijn hand hield, sluit dit de door G. en A. gegeven verklaringen geenszins uit. De in het proces-verbaal van bevindingen van 5 maart 2007 opgenomen verklaring dat zowel A. als G. hebben verklaard dat A. niet werkt en alleen af en toe helpt, kan evenmin voldoende tegenbewijs leveren. Uit deze verklaring kan immers niet zonder meer worden afgeleid dat A. arbeid in de zin van de Wav heeft verricht. Daarvoor moet duidelijk zijn dat geholpen is bij werkzaamheden in de zin van de Wav. Die duidelijkheid ontbreekt in dit geval. In dit kader verwijst de rechtbank naar de uitspraak van 23 juli 2008 (LJN: BD8353) van de AbRS.

Advocaten

  • R. Niemer

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.