ECLI:NL:RBAMS:2008:BH7337
Rechtbank Amsterdam · 10-10-2008 · zaaknummer 08.529
Inhoudsindicatie
Mondeling verzoek tot wraking ingevolge art. 37 Sv. Verzoek afgewezen. Het wrakingsverzoek heeft betrekking op een civiele rechter. Het verzoek is in de kern gebaseerd op de stelling dat van vooringenomenheid van de rechter is gebleken nu elk argument dat door de wederpartij wordt aangevoerd wordt gehonoreerd, onder gelijktijdige verwerping van ieder bezwaar van de zijde van verzoekster. Een en ander gaat gepaard met onvoldoende motivering en heeft kennelijk slechts tot doel de wederpartij in een voordeligere procespositie te brengen. De rechter heeft onvoldoende kennis van de wet, dan wel past de wet op onjuiste wijze toe. Voorts miskent de rechter dat de wettelijke bepalingen van het procesrecht ook op de procedure tot het houden van een getuigenverhoor van toepassing zijn zodat het hoger beroep schorsende werking heeft. De stellingname van de rechter op dit punt is evident onjuist. De rechter zou geen belang mogen hebben bij voortzetting van het getuigenverhoor. Verzoekster interpreteert de wijze van het leiden van de procedure als een poging de geconstateerde fouten te verhullen. De gronden van het verzoek zijn alle gericht tegen beslissingen van de rechter die in de ogen van verzoekster slechts tot doel hebben de wederpartij in een voordeliger procespositie te stellen. De afwijzing van het verzoek om het verhoor van de getuigen achter gesloten deuren te houden levert noch op zichzelf, noch door de wijze waarop dit verzoek is afgewezen, een zwaarwegende aanwijzing op voor het oordeel dat de rechter jegens het verzoekster partijdig is. Hetzelfde geldt voor het oordeel van de rechter dat het hoger beroep geen schorsende werking met zich meebrengt. De juistheid of onjuistheid van die afwijzingen kan slechts in hoger beroep worden getoetst, terwijl uit de door verzoekster geschetste gang van zaken slechts kan worden afgeleid dat de rechter zich op grond van de briefwisseling tussen partijen en het besprokene ter terechtzitting een bepaald oordeel had gevormd. Ongeacht de juistheid van beide oordelen, levert dat geen grond voor wraking op. Er is geen sprake van persoonlijke opvattingen van de rechter die niet terug te voeren zijn op bestudering van de zaak zelf en de tot die zaak behorende stukken.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
