ECLI:NL:RBAMS:2007:BB2623
Rechtbank Amsterdam · 30-08-2007 · zaaknummer 13-524407-06
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft op 2 december 2006 zijn ex-vriendin na veel aandringen en onder valse voorwendselen naar zijn woning gelokt. In deze woning had verdachte op diverse plaatsen messen verstopt met het kennelijke voornemen om op die verschillende plekken daarmee te kunnen toeslaan. Vervolgens heeft hij haar kort na aankomst in zijn woning met één van deze messen op afschuwelijke wijze om het leven gebracht. Dit wordt gekwalificeerd als moord. Ook heeft hij daarna met haar bankpasje geld opgenomen, een weedplantage in zijn woning gehad en een namaakpistool voorhanden gehad. Uit het PBC rapport blijkt dat hij verminderd toerekeningsvatbaar is voor die moord en daaruit blijkt ook dat hij niet lijdende was aan een posttraumatisch stresssyndroom, opgelopen tijdens zijn marinierstijd in Cambodja. De straf die hij krijgt is Gev 12 jaar met aftrek en TBS met verpleging. de vordering van de BP wordt toegewezen. Dit conform de eis van de ovj.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[be[adres]
benadeelde partij · onbekend
[benadeelde partij]
benadeelde partij · onbekend
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
