ECLI:NL:RBALM:2009:BH2107
Rechtbank Almelo · 05-02-2009 · zaaknummer 293034
Inhoudsindicatie
Verzochte machtiging op de voet van artikel 2: 24 lid 4 BW wordt niet gegeven, omdat de gewezen aandeelhouder van de besloten vennootschap zijn verzoek baseeert op de stelling dat hij wil onderzoeken of in de ontbonden voldoende baten aanwezig waren op grond waarvan hij alsnog zijn vorderingen voortvloeiende uit een overeenkomst van opdracht en een arbeidsovereenkomst kan incasseren. De katonrechter constateert dat hij geen machtiging verzoekt in zijn hoedanighed van gewezen aandeelhouder maar in zijn hoedanigheid van schuldeiser.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
