ECLI:NL:RBALM:2004:AR7024
Rechtbank Almelo · 07-12-2004 · zaaknummer 08/004667-04
Inhoudsindicatie
de rechtbank is van oordeel dat verdachte haar vader mocht beschermen tegen onmiddellijk dreigend geweld (schoppen of slaan) maar niet op de door haar gekozen wijze: het gebruik van een vuurwapen door verdachte, die weet dat het gebruiksklaar is maar er niet oordeelkundig mee kan omgaan, is niet proportioneel omdat dat levensgevaarlijk is, ook voor omstanders, en dus niet noodzakelijk, terwijl andere wijzen om een eind aan het geweld te maken niet beproefd zijn. haar beroep op noodweer wordt daarom verworpen. Haar beroep op noodweer-exces faalt doordat verdachte weliswaar in een door het dreigend geweld veroorzaakte angst naar een te zwaar middel, een vuurwapen, grijpt, maar zij had dit wapen eerder op de dag in alle rust speciaal klaargelegd om het eventueel later op de dag te kunnen gebruiken als een buurtruzie zou escaleren. Juridisch gezegd is dan sprake van "culpa in causa" ten aanzien van het beroep op noodweer-exces. Omdat verdachte het wapen heeft doen afgaan en daarbij iemand heeft geraakt, is sprake van poging tot doodslag. In plaats van de door de officier van justitie geeiste 30 maanden gevangenisstraf waarvan acht voorwaardelijk, legt de rechtbank er 12 op, waarvan zes voorwaardelijk, plus een werkstraf van 240 uur. Ook moet een voorschot van € 500 aan schadevergoeding betaald worden.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[benadeelde]
benadeelde · onbekend
[benadeelde]
benadeelde partij · onbekend
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
