ECLI:NL:RBALK:2012:BW7036
Rechtbank Alkmaar · 05-04-2012 · zaaknummer 10/2952
Inhoudsindicatie
Met verweerder is de rechtbank van oordeel dat eiseres ten tijde hier in geding, te weten op de peildata van het tweede kwartaal 2009 tot en met het tweede kwartaal 2010, niet hier te lande rechtmatig verbleef in de zin van artikel 8, onder f, g of h, van de Vw. Vast staat dat eiseres (met haar gezin) op 11 juni 2005 naar Nederland is gekomen op grond van een verblijfsvergunning wegens studie. Deze verblijfsvergunning is evenwel medio 2006 verlopen. Op 12 februari 2010 is aan eiseres weliswaar vanwege de gezondheidssituatie van de jongste dochter uitstel van vertrek verleend op grond van artikel 64 van de Vw, doch dit recht op verblijf kan niet op één lijn worden gesteld met rechtmatig verblijf in de zin van artikel 8, onder f, g of h, van de Vw. Ook deelt de rechtbank het standpunt van verweerder dat niet is gebleken dat eiseres zodanige banden met Nederland heeft dat zij geacht kan worden ingezetene van Nederland te zijn. Daarbij heeft de rechtbank in aanmerking genomen dat de studie van eiseres nooit een aanvang heeft genomen, dat eiseres geen (vrijwilligers)werk heeft verricht gedurende haar verblijf in Nederland en dat eiseres nooit een zelfstandige woonruimte heeft gehad, maar in ieder geval tot op de peildata steeds heeft ingewoond bij familie en kennissen. Dat zij en haar gezin contacten hebben met hulpverlenende instanties, zoals het Bureau Jeugdzorg en Triversum, leidt de rechtbank niet tot een ander oordeel.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
