ECLI:NL:RBALK:2006:AX9675
Rechtbank Alkmaar · 19-06-2006 · zaaknummer WSFBSF 05/1802
Inhoudsindicatie
In de toelichting bij de RSf 2000 is vermeld dat de basis voor artikel 4.10 artikel 3.27, vijfde lid, van de Wsf 2000 is. Dat artikellid geeft echter alleen de bevoegdheid om bij ministeriële regeling regels te geven over vrijstelling van de dwingende inleverplicht in het eerste lid van artikel 3.27 van de Wsf 2000 indien na diefstal of verlies van de OV-kaart geen duplicaat is verstrekt. Het bepaalde in het derde lid van artikel 4.10 van de Rsf 2000 geeft echter een vrijstelling van die dwingende inleverplicht voor andere gevallen dan waarin na diefstal of verlies geen duplicaat is verstrekt. De rechtbank moet dan ook concluderen dat artikel 4.10, derde lid, van de Rsf 2000 onverbindend is.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
