ECLI:NL:PHR:2026:481
Parket bij de Hoge Raad · 12-05-2026 · zaaknummer 22/04640
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Medeplegen handel - waaronder verlengde uitvoer - van verdovende middelen, het opzettelijk aanwezig hebben van verdovende middelen, deelname aan criminele organisatie a.b.i. 11b Opiumwet en medeplegen voorbereidingshandelingen m.b.t. verdovende middelen. Middelen 1 en 2 komen tevergeefs met bewijsklachten op tegen bewezenverklaring. Middel 3 bevat terechte klachten over de strafmotivering, maar die behoeven niet tot cassatie te leiden. Middel 4 klaagt over schending van redelijke inzendtermijn en slaagt. AG merkt ambtshalve op dat redelijke termijn van berechting in cassatie ook is overschreden. Voorts ambtshalve opmerking over verjaring van onder 6 bewezenverklaarde medeplegen van opzettelijk aanwezig hebben van hasjiesj. De conclusie strekt ertoe dat uitspraak hof t.a.v. beslissing over het onder 6 bewezenverklaarde en duur opgelegde gevangenisstraf wordt vernietigd, OM niet-ontvankelijk wordt verklaard in de vervolging terzake van feit 6, de duur van opgelegde gevangenisstraf wordt verminderd en het beroep voor het overige wordt verworpen. Samenhang met 22/04601, 22/04578, 22/04598 en 22/04549.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
