ECLI:NL:PHR:2024:595
Parket bij de Hoge Raad · 31-05-2024 · zaaknummer 23/02711
Inhoudsindicatie
Omzetbelasting; art. 11(1)i.1° Wet OB; virtual gold coins; betaalmiddel; margeregeling; gelijkheidsbeginsel Belanghebbende koopt en verkoopt via haar website ‘gold coins’ uit een online computerrollenspel (een ‘massively multiplayer online role-playing game’ of MMORPG). Het Hof oordeelt dat gold coins voor de heffing van omzetbelasting niet moeten worden behandeld als euro's (en bitcoin) en dat het kopen of verkopen ervan tegen euro's niet gelijk staat aan een deviezentransactie. De vrijstelling van art. 11(1)i.1° Wet OB is daarom niet van toepassing. De margeregeling kan naar het oordeel van het Hof evenmin worden toegepast. Ook het beroep van belanghebbende op het gelijkheidsbeginsel faalt. Belanghebbende klaagt dat het Hof bij de beoordeling van de vraag of de omzetbelastingvrijstelling van toepassing is ten onrechte onderscheid maakt tussen de echte wereld en de spelwereld wat betreft het gebruik van de valuta. Volgens belanghebbende fungeren de gold coins als alternatief betaalmiddel voor wettige betaalmiddelen en hebben zij geen ander doel dan te worden gebruikt als betaalmiddel. Ook komt belanghebbende in cassatie op tegen de oordelen van het Hof over de margeregeling en het gelijkheidsbeginsel. De A-G geeft eerst een overzicht van het speelveld van digitale valuta’s. Vervolgens gaat zij in op de vrijstelling voor betaalmiddelen. Handelingen betreffende niet-traditionele valuta’s vormen financiële handelingen die onder de vrijstelling voor betaalmiddelen vallen, voor zover deze valuta’s (i) door de partijen bij een transactie zijn aanvaard als alternatief betaalmiddel op de wettelijke betaalmiddelen, en (ii) geen ander doel hebben dan te worden gebruikt als betaalmiddel. Het oordeel van het Hof dat gold coins niet aan deze voorwaarden voldoen, houdt volgens de A-G in cassatie stand. De omzetbelastingvrijstelling voor betaalmiddelen is niet van toepassing op de levering van de gold coins. Verder stelt de A-G voor de klachten over de margeregeling en het gelijkheidsbeginsel onder verwijzing naar artikel 81(1) RO af te doen. De A-G geeft de Hoge Raad in overweging het cassatieberoep van de Staatssecretaris ongegrond te verklaren.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
