ECLI:NL:PHR:2024:575
Parket bij de Hoge Raad · 28-05-2024 · zaaknummer 22/01648
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Mensenhandel. Eerste middel klaagt over het opgelegde contactverbod. De oplegging daarvan is niet onbegrijpelijk en toereikend gemotiveerd nu hof kenbaar heeft gemaakt dat maatregel wordt opgelegd ter voorkoming van nieuwe strafbare feiten en omdat er rekening mee gehouden moet worden dat de verdachte zich, net als in het verleden, belastend naar het slachtoffer toe zal gedragen. Tweede middel is terecht voorgesteld voor zover geklaagd wordt over de berekening van de door de verdachte gemaakte kosten. Het hof heeft de kosten naar evenredigheid verminderd en daarbij de weken dat geen uitbuiting plaatsvond ook meegerekend. Dat is niet zonder meer begrijpelijk. Wat betreft de klacht dat het hof bij de berekening van de kosten ten onrechte één maand gelijk heeft gesteld aan vier weken heeft de verdachte evident geen belang omdat het hof hetzelfde heeft gedaan bij de berekening van (een deel van) de opbrengsten voor de verdachte. Ambtshalve opmerking over (de duur van) de vrijheidsbeperkende maatregel van art. 38v Sr. Hof heeft bewezen verklaarde gekwalificeerd als één misdrijf ('mensenhandel'), begaan van 1 maart 2009 tot en met 31 januari 2015. Delict is dus voor een belangrijk deel begaan vóór 1 april 2012 en in zijn geheel vóór 2015. Oplegging van het contactverbod voor de duur van drie jaren niet toegestaan op grond van art. 1 lid 1 Sr. De AG is verder van oordeel dat - hoewel art. 38v Sr pas op 1 april 2012 in werking trad - oplegging van het contactverbod in onderhavige zaak niet in strijd is met art. 1 lid 2 Sr. Ambtshalve opmerking over redelijke termijn. Conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak wat betreft de vrijheidsbeperkende maatregel ex artikel 38v Sr, doch uitsluitend de duur daarvan, en met bepaling dat de maatregel voor ten hoogste twee jaren wordt opgelegd en tot vernietiging van de bestreden uitspraak wat betreft de opgelegde gevangenisstraf, en tot vermindering daarvan aan de hand van de gebruikelijke maatstaf. Deze conclusie strekt bovendien tot vernietiging wat betreft de toewijzing van de vordering van de benadeelde partij en de oplegging van de daarmee corresponderende schadevergoedingsmaatregel, en slechts wat betreft deze vordering en deze schadevergoedingsmaatregel tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Amsterdam teneinde in zoverre op het bestaande beroep te worden berecht en afgedaan.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
