ECLI:NL:PHR:2024:1305
Parket bij de Hoge Raad · 10-12-2024 · zaaknummer 22/03380
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Veroordeling wegens het “voorhanden hebben” van wapens in de zin van art. 26 lid 1 WWM. Klacht over de bewezenverklaring van het feit en dat het hof ten onrechte niet is ingegaan op de vraag of de verdachte beschikkingsmacht had over de wapens. Het oordeel van het hof dat de verdachte de wapens voorhanden heeft gehad, is volgens de AG begrijpelijk en toereikend gemotiveerd. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de duur van de opgelegde gevangenisstraf wegens overschrijding van de redelijke termijn, tot vermindering daarvan aan de hand van de gebruikelijke maatstaf en tot verwerping van het beroep voor het overige.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
